In naam van Oranje

POLONAISE

POLONAISE

De nachtmerrie uit mijn kinderjaren was, met stip, de polonaise die, zoals in die tijd algemeen gebruikelijk, losbarstte in onze familie, meestal bij de feesten van opa en oma in Amsterdam. Vaak was er dan al een aanzienlijke hoeveelheid citroenjenever, bessen en jonge klare in het gezelschap gegoten. Met als gevolg de eerste, nog gefluisterde, ondeugende moppen in het mannenhoekje en aanzwellend gegiechel vanuit de dameskring. Men werd wat roder in het gelaat, er vielen pinda’s op de grond en de eerste peuken verdwenen niet langer in de asbak maar in halflege pijpjes Heineken. Kortom, het hoogtepunt van de avond was nakende.

Laat die vent
Gangmaker was vaak de een of andere oom die ik nog nooit gezien had. De beste man rees dan abrupt uit zijn stoel, griste de theemuts van het dressoir en bombardeerde die spontaan tot feestmuts. Hysterie alom natuurlijk, wat resulteerde in gegier van de dames, gebas bij de heren en ooms vrouw (die ik ook nog nooit gezien had) die nog een halfhartige poging deed om met een in plat Jordaans gemompelde “Doe niet zo gek, Joop” het gevaar te keren. Zij werd echter ruimschoots door de anderen overstemd; “Joh, Annie, laat die vent”. Daarmee was het succes voor ome Joop binnen. Hij hief zijn armen in de lucht, wiegde zijn forse torso in een jolig ritme van links naar rechts, maakte met geheven knieën pas op de plaats en brulde aangeschoten: “Polonaise!”

Erotische impulsen
Dit was dus het moment dat ik het meeste vreesde. Kern van de polonaise is namelijk dat iedereen op straffe van sociaal isolement gedwongen is aan te sluiten. Jong of oud, soepel of stram, krukken of niet, je ging in de rij. Je moest werkelijk half dood zijn eer je werd ontzien. Af en toe werd er zelfs gesjord aan ome Hannes die toch al enkele levensbedreigende medische ingrepen achter de rug had. Stribbelde je tegen dan werd je door een vrouwelijk familielid met uitgelopen mascara, gebarsten pancake en een drankadem aan je arm getrokken; “Kom op, jij hebt nog jonge benen”. Wat mij als kind altijd opviel was dat men zorgvuldig keek wáár men aansloot. Licht overspelige en auto- erotische impulsen kregen de vrije hand. Colberts werden her en der de kamer ingesmeten, stropdassen overmoedig over de rug geslagen en sommige tantes schortten hun rokken zelfs op tot oneerbare hoogte. Je zou er als kind een trauma aan overhouden. Er werd aan bretels getrokken, op billen getikt, in vlezige heupen geknepen. En geen oom of tante die vasthaakte aan een ander familielid of buur van hetzelfde geslacht en als dat wel gebeurde schuilden daar nóg geheimere wensen achter.

Nederlandstalige krakers
Gebrek aan een stereo installatie stond de feestvreugde niet in de weg. Altijd was er wel iemand bereid om een Nederlandstalige kraker in te zetten waarvan het eenvoudige refrein luidkeels in de maat werd meegebulderd; “Jaaa… jaaaa… Janus pak me nog ’n keer… Oooooooh Saberdiejosia…” En daar stond ik dan als 14 jarige met in mijn rug de scherpe vuurrode nagels van tante Mien (waarvan wij altijd zongen “Tante Mien, mogen we je poesje even zien”. Het mensje bleek later nooit een kat gehad te hebben, maar dat ter zake) en op ooghoogte het enorme achterwerk van ome Klaas, dat ik maar heel licht durfde te toucheren.

Vanwege de kleine behuizing van opa en oma was de kop van de polonaise alweer in de huiskamer teruggekeerd als de staart nog moest vertrekken. Een moment dat anti polonisten het excuus gaf om met een langgerekt “Hè, hè” en een schalkse knipoog stiekem te gaan zitten en het glas te heffen. Maar de polonaise kon ook minder onschuldige gevolgen hebben… Door tijdens de viering van het 50 jarig huwelijksfeest van opa en oma als laatste aan te sluiten heeft ome Gerrit kans gezien het pand onopgemerkt, en voorgoed naar later bleek, via de achterdeur te verlaten. Om herhaling te voorkomen is er sindsdien binnen de familie van Oranje niet meer gepoloneerd.

Jan van Oranje


Jan van Oranje is als columnist ondermeer verbonden aan metronieuws.nl en Viva! Magazine, waar hij in zijn vaste rubriek ‘In naam van Oranje’ zijn licht laat schijnen over actuele gebeurtenissen en op unieke wijze de hilariteit van het dagelijks leven aantoont. Meer columns van Jan van Oranje kunt u lezen op www.janvanoranje.nl.