JAN DULLES KOMT KIJKEN… IN CALPE EN VALENCIA

JAN DULLES KOMT KIJKEN… IN CALPE EN VALENCIA

In deze editie van Jan Dulles komt kijken verblijft Jan in een appartement, gelegen midden in het centrum van Calpe, waar hij een goede uitvalsbasis heeft gevonden voor een bezoek aan de stad Valencia en enkele nachtjes midden in het schitterende oude centrum van de sinaasappelstad.


“WIE komt er kijken?” Ik begrijp wel dat negen van de tien geëmigreerde Nederlanders dat niet weten. Iedereen die langer dan tien jaar niet meer in Nederland woont heeft waarschijnlijk nog nooit van mij gehoord, tenzij hij of zij in Volendam heeft gewoond. Maar dat is hoogst onwaarschijnlijk, want Volendammers emigreren sowieso niet.

Ik ben Jan Dulles en ik ben een zanger uit Volendam. Ik vind het alleen al heerlijk dat ik mezelf weer eens zo moet voorstellen. Het geeft me het nederige, anonieme gevoel dat ik altijd opzoek als ik op vakantie ga naar een ver tropisch land na een drukke periode van radio-, televisie-, en theateroptredens. Langdurige periodes waarin gewerkt wordt aan carrière en naamsbekendheid. In dit geval de carrière van de 3JS uit Volendam, waarvan ik de zanger ben. Zingen kan een hobby zijn, maar het zijn van een bekende zanger is een roeping als je het mij vraagt. Net als het verzorgen van olifanten of mensen met Alzheimer, of boomchirurg, of emigrant. Eerst is het slechts een gedachte of een hobby, dan neemt in sommige gevallen de sterke ambitie het over en wordt het een serieus ding, totdat het je complete leven beheerst en het een carrière wordt. ‘Werk’, om maar eens een smerig woord te gebruiken.

Allergisch voor wekkers
Mijn beroep kent weliswaar vervelende kanten maar ik heb het nooit vergeleken met ‘het echte werk’. Ik heb het echte werk namelijk tien jaar gedaan, in een garnalenfabriek. Elke ochtend smeekte ik God om genade als mijn wekker ging. Ik ben namelijk in de wieg gelegd om te blijven liggen tot 9 uur en allergisch voor wekkers. Toen ik er ook eenmaal achter kwam dat ik goed kon zingen dacht ik: “Dit is mijn uitweg, dit is mijn kans om nooit meer vroeg mijn bed uit te hoeven.” En mijn gebeden werden gehoord. Na tien jaar als ‘zingende visboer’ kregen de 3JS een platencontract en werd het muziek maken ons werk. Daarna heeft nooit meer iemand mij horen klagen over wat dan ook.

De Jan Smit trein
Daarom probeer ik alle leuke dingen die vanwege mijn beroep voorbij komen met twee handen vast te pakken. En daarom ben ik op dit moment in Calpe, een vriendelijk dorp, gelegen tussen Alicante en Valencia. Het is precies 10 jaar geleden dat wij in Nederland onze eerste single uitbrachten. Niemand in Nederland wist dat wij daarvóór ook al 10 jaar wereldberoemd waren in Volendam als troubadours die akoestische folkmuziek maakten in de kroegen op de dijk. Voor het Nederlands publiek waren we slechts drie iets te oude weirdo’s die probeerden hun graantje mee te pikken van het succes van dorpsgenoot Jan Smit. Het gevecht tegen dit stigma duurt al tien jaar. Over de vervelende kanten van het vak gesproken. Aan de andere kant was het wel fijn dat we mee mochten op de ‘Jan Smit-trein’ die ons letterlijk vanuit Volendam de wijde wereld in bracht. Wat op zich al buitengewoon is voor een Nederlandstalige act.

JAN SMIT GAAT OP VAKANTIE MET ZIJN VRIENDEN EN ZE GAAN DAAR MUZIEK MAKEN EN LACHEN

De zomer voorbij
Het is ook 10 jaar geleden namelijk, dat we de eerste afleveringen opnamen van het tv-programma ‘De Zomer Voorbij’. Een idee van onze toenmalige, onlangs te vroeg overleden manager Jaap Buijs. Een tv-format is goed als je het in 1 zin kan samenvatten, en dat kon Jaap Buijs als geen ander; “Jan Smit gaat op vakantie met z’n vrienden en ze gaan daar muziek maken en lachen.” Meer was het niet, maar het was meer dan genoeg. Iedere week keken een miljoen Nederlanders naar onze zomervakantie. We begonnen in Spanje en het ‘Spanjevirus’ heeft mij toen onbewust gegrepen. Naast de bekende oorden als Benidorm, Blanes en Lloret de Mar kwamen we met onze Rock ’n Roll Tourbus door vele andere, iets minder bekende steden aan de Costa Blanca en de Costa del Sol, en tijdens onze trip ontmoetten ook Nederlanders die daar gewoon woonden. Alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Ik ben nu tien jaar verder maar toentertijd was ik ongelofelijk onder de indruk van dat idee. Trouwens, nog steeds. Het idee dat je gewoon je hele hebben en houwen achterlaat en niet meer terug komt. Ik ontmoette een meisje dat letterlijk op haar tiende tegen haar ouders had gezegd: “Ik weet niet wat jullie doen, maar als ik 18 ben ga ik in Spanje wonen.” Ze voelde gewoon aan haar hele wezen dat ze niet in Nederland thuishoorde maar onder de Spaanse zon. Haar ouders wisten dat het menens was en 8 jaar later verhuisden ze met het hele gezin naar Spanje, waar ze een makelaarskantoor begonnen. Het meisje léék ook gewoon op een Spaanse.

Eén van de mooiste gebieden ter wereld
Ze sprak vloeiend Spaans, ze danste Spaans, ze was gewoon in de wieg gelegd in Nederland om naar Spanje te emigreren. Voor het programma ‘De Zomer Voorbij’ keerden we nog twee keer terug naar Zuid Spanje, en ikzelf ook nog drie keer voor een rondreis door Andalusië. Eén van de mooiste gebieden van de wereld als je het mij vraagt, met die prachtige oude steden die zo’n eindeloze geschiedenis uitademen dat ik daar altijd bij mezelf dacht: “Ik wou dat ik alles wist van wat er in deze steden heeft afgespeeld. In feite ken ik Spanje helemaal niet. Ik zou alle Spaanse gebieden weleens willen zien. Alle uithoeken van Spanje willen beleven. Maar ik heb niet genoeg tijd. In een stinkende bus erdoorheen crossen met een ploeg dronken jongens was grappig, maar niet wat ik bedoel.” Soms moet je ook mazzel hebben in het leven. Een beetje geluk. Ik las eens van iemand de spreuk: “Geluk is waar de kans en de voorbereiding elkaar treffen.”In mijn geval is ‘de voorbereiding’ mijn muzikale ontwikkeling van 30 jaar geweest die mij uiteindelijk als zanger en tekstschrijver op een podium in het verre Benidorm bracht.

Op vriendenbezoek
Ik ben al geruime tijd bevriend met de in Spanje woonachtige Jan Nicolas. Hij was destijds aanwezig bij ons optreden in Benidorm, want tja, zelfs als je al zó lang in Spanje woont ga je, als daar een groep bekende Volendammers komt optreden voor een tv-programma, toch even kijken. Zijn zoontje, destijds een jaar of 8, was er ook bij en vond het vreselijk. “Wie zijn dat en waarom moet ik daar naar kijken?” Jan nam geen moeite om het uit te leggen aan de kleine jongen, aangezien dat voor zijn toekomst, noch zijn verleden, van enige importantie was en ze vertrokken nog voor het einde van ons optreden. Jan is hoofdredacteur van Viva Magazine in Spanje, niet te verwarren met het tijdschrift Viva wat in Nederland en België uitgebracht wordt. De vrouw van Jan, Jacqueline, was het al geruime tijd een doorn in het oog dat, als je als ondernemer in Spanje wilt adverteren, je weinig andere mogelijkheden hebt dan adverteren in de standaard reclamekrantjes waar in Nederland de bekende brievenbusstickers ‘geen reclame’ voor gemaakt zijn. Dus heeft Jan hier en daar zijn licht opgestoken om uit te zoeken of het niet mogelijk zou zijn een magazine uit te brengen met een betere verhouding tussen advertenties en verhalen die mensen wél willen lezen. Een Nederlandstalig magazine dat in eerste instantie verspreid wordt aan de Costa Blanca, maar door moet groeien naar een volwaardig magazine dat in heel Spanje verkrijgbaar is, voor de vele Nederlanders en Vlamingen die in Spanje wonen. En zo werd Viva! Magazine geboren. Hoe leuk is dát!?

Een boeiend verhaal
In ieder magazine komt bijvoorbeeld ook ruimte voor één van de vele interessante ‘Ik vertrek’ verhalen. Hoe is iemand in Spanje terecht gekomen? Wat deden ze in Nederland en wat doen ze nu? Heel veel mensen runnen bijvoorbeeld een Bed&Breakfast. Jan Nicolas dacht: “Het zou leuk zijn als een vlot schrijvende bekende Nederlander, die houdt van reizen en een en ander leuk kan verwoorden met fraaie foto’s erbij, bij deze mensen op bezoek gaat en daar een boeiend verhaal over schrijft. Leuk voor de lezer en interessant voor de uitbater. Vooral wanneer deze BN-er veel Facebookvrienden heeft, zodat het verhaal ook nog eens goed op Facebook wordt verspreid.” En zo kwam ik in beeld. Een aantal keer per jaar zal ik op bezoek gaan bij Nederlanders of Vlamingen op een mooie plek, een leuke plek of gewoon een beetje rare plek in Spanje, zolang het verhaal maar interessant is. Om het makkelijk te maken ben ik begonnen in Calpe bij Jan en z’n familie. Calpe, tegenwoordig vaker ‘Calp’ genoemd omdat het Valenciaans hier steeds meer als officiële taal geprefereerd wordt boven het Spaans, is een toeristenstad die vooral in trek is bij Vlamingen en Duitsers, maar steeds vaker ook door Nederlanders goed wordt gewaardeerd, maar, niet zo massaal wordt bezocht als bijvoorbeeld ‘Grote broer’ Benidorm, dat 23 km verder naar het zuiden ligt.

WAT HAD JE NOU EIGENLIJK GEDACHT, LUMMELTJE UIT VOLENDAM?

Kleinste beschermde natuurgebied van Spanje
Calpe heeft een 11 km lange kust met fijne zandstranden. Aan de wandelboulevard die van de haven naar het centrum loopt, kun je de ‘Baños de la Reina’ vinden. Dat zijn koninginnenbaden uit de Romeinse tijd. En uit de recentere oudheid stammen de vele bejaarden die hier komen overwinteren. Net zoals in Benidorm, maar daar is het veel en veel drukker. Calpe is toch meer voor de rustzoekers, net als ik eigenlijk. Ik hoop dat ik dat ook later zo kan doen, want oh, wat heb ik een hekel aan die winterse kou in Nederland. Calpe is omgeven door bergen, maar beroemd om die ene rots, de Peñon d’Ifach, die 338 meter uit de zee steekt en de kustlijn domineert. Ik kon m’n ogen er niet vanaf houden terwijl ik onder de opkomende zon van een ontbijtje genoot op een rustig terrasje aan de boulevard. De rots en de 45 hectare grond er omheen zijn niet lang geleden uitgeroepen tot het kleinste beschermde natuurgebied van Spanje vanwege de bijzondere flora en fauna die er te vinden zijn. “Daar wil ik bovenop” dacht ik. “Van daaruit moet het uitzicht spectaculair zijn.” Ik erheen, maar hoe dichter ik bij de rots kwam, hoe gevaarlijker die eruit kwam te zien. Het pad naar boven schijnt tamelijk onbegaanbaar te zijn en bovendien kon ik sowieso geen begin van een pad vinden. Ik heb langs de voet van de rots gelopen, kijkend naar boven waar roofvogels en zeemeeuwen cirkelend langs de rotswanden tuurden naar bewegend voedsel. Nadat ik driekwart rondje om de rots had gelopen, stopte de wandelpromonade, keerde ik om en ging terug. Ik zag geen pad naar boven en het leek inderdaad onbegaanbare grond. Alsof er daarboven iets afgesproken was stegen er opeens honderden zeemeeuwen tegelijk op vanaf de grond bovenaan de rots, en ze bleven allemaal boven mij rondzweven. Het kabaal dat ze tegelijk maakten kwam op mij over als hoongelach, dat mijn deel was terwijl de imposante rots zwijgend leek te zeggen: “Wat had je nou eigenlijk gedacht, lummeltje uit Volendam? Ga maar gauw terug naar dat veilige platte dorpje van je.”

Bent u niet die zanger?
Om van de schrik te bekomen heb ik mezelf getrakteerd op een heerlijke Piña Colada op een terrasje langs de sfeervolle boulevard. De gevoelstemperatuur in de zon was een graad of 24, midden in de winter. Heerlijk toch? Een oud echtpaar zat mij al een tijdje te observeren aan het tafeltje naast me voordat ze durfden te vragen: “Komt u uit Volendam?” Ze hadden het niet gehoord aan m’n dialect want ik had nog geen woord gezegd. “Bent u niet die zanger?”, was de volgende vraag. Het bleek een Nederlands echtpaar van 83 en 81 jaar uit Breda dat voor 10 weken aan het overwinteren was in Calpe. Na een half uur wist ik alles over hun kinderen en kleinkinderen die in het buitenland woonden en werkten. Over hoe ze de tien weken doorbrachten, over wat ze vroeger voor werk hadden gedaan en natuurlijk alles over het carnaval in Brabant, dat, als ik hen moest geloven, bijna net zo gezellig is als de kermis in Volendam. Net voordat de zon onderging en het kouder werd op het terras, nam ik afscheid van het stel en die avond at ik in restaurant ‘El Andaluz‘ met Jan Nicolas en zijn gezin de lekkerste paella die ik ooit heb gehad. Omdat ik niet veel tijd had en ook nog een stukje van Valencia wilde zien ben ik niet langer in Calpe gebleven. De derde dag heb ik in Valencia doorgebracht maar daarover wil ik liever later nog een keer schrijven want voor deze ongelofelijk mooie stad, ik was er nog nooit geweest, moet ik echt langer de tijd nemen.

Dit was slechts een introductie van mijzelf, mijn hobby’s en mijn connectie met de hoofdredacteur, en ik hoop binnenkort bij één van de lezers op een leuke locatie langs te mogen komen en een mooi avontuur te beleven. Want dat is waar het wat mij betreft om draait. Het leven moet een aaneenschakeling zijn van momenten die er toe doen. Dat is alles wat je uiteindelijk onthoudt…
…vooral als je het opschrijft.

Jan Dulles


In zijn rubriek ‘Jan Dulles komt kijken’ doet Jan Dulles, zanger van de Volendamse formatie ‘De 3JS’, op zijn eigen originele en enthousiaste wijze, verslag van zijn ervaringen tijdens zijn verblijf van enkele dagen op telkens een andere unieke accommodatie in Spanje. Jan bezoekt de bezienswaardigheden in de omgeving, gaat enkele dagen op in het Spaanse leven, ruikt aan de cultuur en neemt het verhaal achter de mensen die hij ontmoet mee in zijn verhaal.

Heeft u een slaapplekje voor Jan? 
Heeft u een unieke, beetje vreemde, ronduit rare of gewoon hele mooie accommodatie in Spanje en lijkt het u leuk om Jan Dulles een paar nachtjes over de vloer te hebben?  Stuur dan een e-mail, met daarin de locatie van de accommodatie, uw naam en telefoonnummer naar redactie@vivamagazine.es en wie weet, is uw accommodatie binnenkort hier te bewonderen.

1 reactie

  1. Wat een leuk verhaal. Ik ken Calp goed. En de berg……. Er is heus een beginpad. Ik ben de berg op geweest. Zo prachtig dat uitzicht. En goed begaanbaar……Zeker voor zo’n jonge vent. 🙂

Comments are closed.